Kabinet draait onderwijsbezuinigingen deels terug: belangrijke stap voor universiteiten

Actueel

Laatst bijgewerkt op
Collegezaal met studenten

Universiteiten van Nederland (UNL) steunt de eerste uitwerking van de plannen van het kabinet om de eerdere bezuinigingen op het wetenschappelijk onderwijs en onderzoek grotendeels terug te draaien en om te gaan investeren in kennis en innovatie. In totaal gaat het voor het hoger onderwijs en wetenschap om 565 miljoen euro structureel. UNL-voorzitter Caspar van den Berg: “Na twee jaar waarin Nederland als kennisland stevig is geraakt door de bezuinigingen, is deze koerswijziging een belangrijke stap richting herstel en versterking van onze universiteiten. Hiermee kunnen we weer bouwen aan goed onderwijs en baanbrekend onderzoek. Dat is essentieel voor innovatie in de zorg, oplossingen voor het woningtekort en een veilige en weerbare samenleving.”

De investeringen zijn ook hard nodig voor de Nederlandse economie, zo bleek recent weer uit rapporten van het Rathenau Instituut en RaboResearch. Nederland heeft een goede internationale concurrentiepositie, maar door een stagnerende productiviteitsgroei staat deze positie onder druk. Investeringen in onderzoek zijn cruciaal om uit de productiviteitscrisis te komen.

Uit de beleidsbrief blijkt dat de aangekondigde investeringen in 2027 starten en zich zowel op wetenschappelijk onderwijs als onderzoek richten. Zo worden de bezuinigingen op het fonds voor onderzoek en wetenschap ongedaan gemaakt en blijven verschillende budgetten uit dit fonds structureel beschikbaar. Dit betekent extra middelen voor onder meer grootschalige wetenschappelijke infrastructuur en cofinanciering van Europese onderzoeksprojecten. Daarbovenop komt er geld vrij voor nieuwe sectorplannen en voor digitale infrastructuur, zoals supercomputer Snellius. Voor onderwijs kiest het kabinet ervoor om middelen beschikbaar te stellen voor de talentstrategie. 

UNL is verheugd dat het kabinet kiest voor investeringen in zowel onderwijs als onderzoek. De verdere uitwerking van de plannen is cruciaal voor het succes ervan. De sectorplannen - waarbij universiteiten onderling afspreken waar op welk onderzoek wordt gefocust - hebben zich eerder bewezen als effectief instrument voor het versterken van wetenschappelijke disciplines. Het is van belang dat ook deze nieuwe ronde hier ruimte voor biedt, zeker gelet op de grote bezuinigingen op ongebonden en nieuwsgierigheidsgedreven onderzoek in de vorige kabinetsperiode. Ook onderstreept UNL dat het van belang is dat elke universiteit ruimte krijgt om de onderwijsmiddelen daar te investeren waar ze het hardst nodig zijn. Universiteiten in verschillende regio’s en met verschillende profielen hebben immers verschillende uitdagingen in het kader van de talentstrategie. Een belangrijk aandachtspunt is daarnaast dat voor onder meer cyberveiligheid, kennisveiligheid, het verlagen van de werkdruk en digitale infrastructuur enkel tijdelijk middelen beschikbaar komen. Daardoor ontstaan op termijn nieuwe uitdagingen op het gebied van de financiering van wetenschappelijk onderzoek en onderwijs. 

UNL blijft graag in gesprek met het kabinet om ervoor te zorgen dat de investeringen optimaal bijdragen aan een sterk en toekomstbestendig Nederland.